IF · Tussen hemel en aardeGroeien in verbondenheid en bewustzijnRenato Rossi
← Alle hoofdstukkenTerug naar mijn website

RENATO ROSSI · Integrale editie

Leesinstellingen

De duizenden gesprekken

Wanneer ik vandaag terugkijk, besef ik dat het niet om enkele honderden gesprekken ging. Het moeten er door de jaren heen duizenden zijn geweest. Gesprekken over numerologie. Over spiritualiteit. Over de vreemde samenlopen van omstandigheden die wij soms toeval noemen. Over verlies. Over verdriet. Over liefde. En heel vaak over Marco. Die gesprekken vonden vrijwel nooit bij ons thuis plaats. Dorina wilde niet dat mensen voor spirituele gesprekken of numerologie bij ons aan huis kwamen.

Zij gelooft zelf niet in spiritualiteit. Ook sprak zij liever niet openlijk over Marco. Waarom dat voor haar zo moeilijk was, weet ik niet volledig. En omdat ik het niet weet, wil ik haar geen redenen of gevoelens toeschrijven die zij zelf nooit heeft uitgesproken. Twee ouders kunnen hetzelfde kind verliezen en toch op een totaal verschillende manier met hun verdriet omgaan. Ik had behoefte om te spreken. Om herinneringen te delen.

Om te proberen te begrijpen wat er was gebeurd. Dorina zocht die openbaarheid niet. Waar ik woorden nodig had, bleef zij liever stil. Waar ik contact zocht met mensen die soortgelijke vragen stelden, hield zij haar gevoelens voor zichzelf. Geen van beide manieren maakt het verlies minder groot.

Maar het verschil tussen ons was soms moeilijk. Voor mij was spreken over Marco geen poging om in het verleden te blijven leven. Het was een manier om hem dichtbij te houden. Marco en ik hadden zoveel met elkaar gedeeld. Onze belangstelling voor technologie.

Onze samenwerking. Onze dromen. Onze eindeloze gesprekken en discussies. We konden het hartgrondig met elkaar oneens zijn.

Maar juist uit die discussies ontstonden vaak onze beste ideeën. Na zijn overlijden viel dat allemaal plotseling weg. Er was niemand meer met wie ik op dezelfde manier kon praten. Niemand die precies begreep welke dromen wij samen hadden gekoesterd en hoeveel jaren van ons leven daarin verweven waren geraakt.

Misschien ben ik daarom op andere manieren blijven zoeken naar contact. Omdat deze gesprekken niet bij ons thuis konden plaatsvinden, voerde ik ze elders. Tijdens spirituele activiteiten. Op bijeenkomsten. In cafés. Tijdens wandelingen. Via de telefoon. En later steeds vaker via het internet. WhatsApp werd een belangrijk middel om met mensen te communiceren. Sommige gesprekken begonnen met één kort bericht.

Maar voor ik het wist, vertelden mensen mij hun hele levensverhaal. Soms schreef iemand mij midden in de nacht. Iemand die verdriet had. Iemand die zich alleen voelde. Of iemand die nergens anders durfde te zeggen wat hem of haar werkelijk bezighield. Ook via een website waarop ik over Marco sprak, ontstonden vele contacten. Ik vertelde er over zijn leven. Over onze samenwerking. Over zijn dromen.

Maar ook over zijn overlijden en over de vragen waarmee ik als vader achterbleef. Daarnaast deelde ik door de jaren heen honderden foto’s en video’s van Marco en van onze familie op verschillende sociale media. Voor sommige mensen waren dat misschien gewoon beelden. Voor mij waren het fragmenten van een leven. Een glimlach. Een reis.

Een feest. Een werkmoment. Een herinnering aan wie Marco werkelijk was. Ik deed dat om één heel eenvoudige reden:

Ik wilde niet dat hij vergeten zou worden. Ik wilde niet dat zijn hele leven zou worden herleid tot zijn laatste dag. Wie alleen weet hoe Marco stierf, weet nog niet wie Marco was. Hij was een zoon. Een vader. Een broer. Een vriend. Een ondernemer. Een mens vol ideeën en enthousiasme. Hij was iemand die kon lachen, dromen, discussiëren en anderen inspireren.

Door zijn foto’s, zijn video’s en zijn verhaal te delen, probeerde ik al die kanten van hem levend te houden. De digitale wereld werd voor mij daardoor veel meer dan een technisch hulpmiddel. Ze werd een plaats van herinnering. Een plaats waar ik over Marco kon blijven vertellen. En tegelijkertijd een plaats waar mensen van overal met hun eigen verhalen naar mij toe kwamen. Veel van die gesprekken begonnen met numerologie. Iemand stuurde mij een geboortedatum.

Een ander vertelde over getallen die voortdurend in zijn leven terugkeerden. Weer iemand probeerde betekenis te vinden in een gebeurtenis die hij niet kon verklaren. Door de jaren heen heb ik voor honderden mensen een numerologische berekening of analyse gemaakt. Ik heb daar nooit enige vergoeding voor gevraagd. Niet één keer. Ik deed het omdat ik mensen wilde helpen nadenken over hun leven. De cijfers vormden vaak slechts het begin. Ze openden een deur.

Maar achter die deur stond altijd een mens. Een mens met vragen. Met verdriet. Met hoop. Met angsten. En met een verhaal dat gehoord wilde worden. Naast die persoonlijke gesprekken heb ik door de jaren heen aan honderden spirituele activiteiten deelgenomen en er zelf ook vele georganiseerd. Ik ontmoette daardoor mensen met zeer verschillende achtergronden en overtuigingen. Sommigen waren diep gelovig. Anderen twijfelden aan alles. Weer anderen waren vooral nieuwsgierig. Ik vond het nooit noodzakelijk dat iemand hetzelfde geloofde als ik.

Ik wilde niemand overtuigen. Ik wilde begrijpen. En ik wilde ruimte geven aan vragen waarvoor in het dagelijkse leven vaak weinig plaats bestaat. Wat mij telkens opnieuw raakte, was het vertrouwen dat mensen in mij stelden. Zij vertelden mij soms dingen die ze nog nooit eerder met iemand hadden gedeeld. Verdriet dat jarenlang verborgen was gebleven. Angsten die zij voor hun eigen familie niet durfden uitspreken. Ervaringen waarvoor zij bang waren veroordeeld of uitgelachen te worden.

Dat vertrouwen heb ik altijd als een bijzonder voorrecht beschouwd. De persoonlijke verhalen die mensen mij toevertrouwden, zijn niet van mij om verder te vertellen. Hun namen. Hun geheimen. Hun pijn. Die blijven bij mij. Wat ik wel mag delen, zijn de lessen die al die ontmoetingen mij hebben geleerd. Ik heb nooit beweerd dat ik de waarheid in handen had. Integendeel. Ik zag mezelf als iemand die een eindje met een ander meeliep.

Soms kon ik een gedachte meegeven. Soms hielp een numerologische analyse iemand om vanuit een andere hoek naar zijn leven te kijken. Maar heel vaak deed ik niets anders dan luisteren. En misschien was dat juist het belangrijkste. Mensen zoeken niet altijd iemand die hun alle antwoorden geeft. Ze zoeken iemand die werkelijk aandacht heeft. Iemand die hen niet onderbreekt. Die niet onmiddellijk oordeelt. Die niet zegt wat zij moeten voelen.

Maar die hun verhaal met respect en menselijkheid ontvangt. Misschien heb ik sommige mensen geholpen. Maar zij hebben mij minstens evenveel gegeven. Iedere ontmoeting liet iets in mij achter. Ieder gesprek leerde mij iets over verdriet, moed, liefde of vergeving. En ieder mens dat zijn hart voor mij opende, hielp mij ook mijn eigen hart beter te begrijpen.

Daarom waren die duizenden gesprekken geen eenrichtingsverkeer. Wij liepen telkens een klein stukje samen. Soms slechts gedurende enkele minuten. Soms gedurende vele jaren. Sommige mensen verdwenen daarna opnieuw uit mijn leven. Anderen werden vrienden. Maar geen enkele oprechte ontmoeting was zonder betekenis. Dorina heeft van een groot deel van die wereld waarschijnlijk weinig gezien. Zij heeft geen belangstelling voor sociale media of voor digitale informatie en communicatie. Zij leest wel veel. Boeken.

Tijdschriften. En zij kijkt naar televisie. Misschien is dat ook een van de diepste redenen waarom ik dit boek wil schrijven. Niet alleen voor mijn kinderen. Niet alleen voor mijn kleinkinderen. Niet alleen voor de mensen die Marco hebben gekend. Maar misschien ook een beetje voor Dorina. Ik hoop dat zij dit boek op een dag zal willen lezen. Niet omdat ik haar wil overtuigen van mijn ideeën over spiritualiteit.

Ook niet omdat zij de dingen op dezelfde manier zou moeten ervaren als ik. Maar omdat ik hoop dat zij daardoor beter zal begrijpen wat er in al die jaren in mij is omgegaan. Waarom ik over Marco bleef spreken. Waarom ik zijn foto’s en video’s bleef delen. Waarom ik contact zocht met zoveel mensen. Waarom numerologie en spiritualiteit voor mij zo belangrijk werden. En waarom ik het gevoel had dat Marco’s verhaal verteld moest blijven worden.

Misschien kan dit boek haar bereiken op een manier waarop een website, een WhatsApp-bericht of een bericht op sociale media dat nooit kon. Misschien zal zij tussen deze regels opnieuw iets herkennen van de band die Marco en ik met elkaar hadden. Van onze gezamenlijke interesses. Onze samenwerking. Onze discussies. Onze dromen. En van de enorme stilte die na zijn overlijden in mij achterbleef. De duizenden gesprekken die ik daarna met anderen voerde, konden die stilte niet opvullen.

Maar zij zorgden ervoor dat ik er niet volledig alleen in bleef staan. Zij leerden mij nederiger te zijn. Geduldiger.

Voorzichtiger met mijn oordeel. En gevoeliger voor de onzichtbare strijd die ieder mens met zich kan meedragen. Bovenal bevestigden zij een waarheid waarin ik altijd ben blijven geloven: Ieder mens heeft minstens één keer in zijn leven iemand nodig die niet alleen met zijn oren... maar vooral met zijn hart naar hem luistert.